Laatste Shout - Gepost door: caroline - Donderdag, 19 Februari 2009 15:33
Zoek een leuk patroontje uit bij onze breipatronen en ga snel aan de slag!
Jasje met kabouters

Jasje met kabouter

Terug naar haakpatronen

Maat 86 en 92 cm

Materiaal: ? 330 (345) g middeldik garen, 260 (265) g blauw, 80 g rood en een rest geel, ros? en wit; een haaknld. 3? mm; een maasnld.; 4 (5) gele knopen.

Afmeting haakwerk: lengte 31 (35) cm, bovenwijdte 59 (64) cm, bin-nenmouwlengte 22 (24) cm (omgeslagen).
Stekenproef: 17 h.St en 11? toer is 10 cm.
Gebruikte steken: lossen, vasten, halve stokjes; stiksteek.

Kreeftesteek: haak aan de goede kant 1 toer vasten van links naar rechts (i.p.v. van rechts naar links); gebruik hiervoor desgewenst een dunnere haaknld.

Werkwijze: het jasje en de wantjes worden gehaakt in halve stokjes; de motieven worden ingehaakt volgens de teltekening. Maak bij het wisselen van kleur de laatste doorhaling met de volgende kleur; haak de draad (draden) waar niet mee gehaakt wordt, af en toe losjes aan de achterkant mee. Gebruik voor elke kabouter aparte bolletjes ga?ren. De lijnen worden later opgeborduurd. Keer steeds met 2 L i.p.v. het Ie h.St.
Panden: deze worden tot aan de armsgaten aan ??n stuk gehaakt. Haak voor de onderkant met rood een ketting van 97 (105) L (losjes!). Ie toer: (= goede kant): 2 L met blauw (= 1e h.St), * 3 h.St met rood, 1 h.St met blauw; herhaal van * af nog 23 (25) maal. Er zijn 97 (105) st. en er komen 24 (26) punten aan de onderkant. Haak verder volgens de teltekening: de ondergrond is blauw. Begin bij de 5e toer (= goede kant) met het inhaken van de kabouters:
5e toer: 5 st. met blauw, 6 st. met rood, 2 st. met blauw, 6 st. met rood, 59 (67) st. met blauw, 6 st. met rood, 2 st. met blauw, 6 st. met rood, 5 st. met blauw. Haak verder volgens teltekening. Haak tot een totale hoogte van 21 (24) toeren,van nu af worden de delen apart verder gehaakt.
Haak voor ??n voorpand over de eerste 22 (24) st. tot een armsgat?hoogte van 11 (13) toeren, minder dan voor de hals 5 (6) steken, bij de volgende toer 1 steek. Breek na een armsgathoogte van 14 (16) toeren de draad af (= 16 (17)) st. voor de schouder. Haak het andere voorpand in spiegelbeeld. Haak nu verder voor het rugpand over de middelste 45 (49) st., er blijven aan weerskanten 4 st. onbewerkt voor de armsgaten. Haak 14(16) toeren.

Mouwen: haak met rood een ketting van 29 (33) L. Aan de onderkant komen zeven (acht)? punten, haak deze volgens de eerste 3 toeren van de teltekening.
Ie toer: (= goede kant omslag): 2 L met blauw (= Ie h.St), * 3 h.St met rood, 1 h.St met blauw; herhaal van * af nog 6 (7) maal. Haak na de 3e toer nog 23 (26) toeren met blauw; meerder hierbij elke 3e (4e) toer 6 maal aan weerskanten 1 st. (= 41 (45) st.).
30e toer: (= goede kant mouw): 1 h.St met blauw, * 1 h.St met blauw, 1 h.St met rood, 2 h.St met blauw; herhaal van * af nog 9 (10) maal = 10 (11) punten. Haak nog 2 toeren in het puntmotief, de totale lengte is dan ? 25? (27?) cm. Haak nog 1 toer V met rood, en 1 toer V met blauw: deze 2 toeren komen in de mouwinzet. De eerste 4 toeren vormen de omslag.
Capuchon: haak eerst het beleg: haak met rood een ketting van 69 (73) L + 2 L voor het Ie h.St, steek in de 4e L vanaf de haaknld. Haak met de 69 (73) st. na de rode toer nog 2 toeren h.St met blauw, breek de draad af. Haak dan voor de capuchon met rood een ketting van 69 (73) L.
Ie toer: 2 L met blauw (= 1 h.St), * 3 h.St met rood, 1 h.St met blauw; her?haal van * af nog 16 (17) maal. Haak in de volgende 2 toeren de punten volgens teltekening (= 17 (18) punten). Ga verder met blauw, leg beleg en capuchon met de verkeerde kanten op elkaar. Haak in de vo?gende toer de laatste toer blauw van het beleg mee: steek steeds door de beide steken. Haak tot een totale hoogte van 20 (21) toeren.

Afwerking: borduur met een dubbele draad de lijnen op de kabouters met stiksteken: met blauw de binnenkant van de armen, met geel de onderkant van de laarsjes en de mouwen, met rood de neus en de mond.
Leg de delen op maat onder een vochtige doek en laat ze drogen. Sluit de schoudernaden. Naai met blauw de mouwen in de armsgaten, sluit de mouwnaden. Sla de mouwen om en haak de rand om met 1 toer rode kreeftesteek. Haak dan middenvoor en de hals om met 1 toer V: bij middenvoor 2 V om elke 4e toer en op de hoeken 3 V. Haak het rechtervoorpand middenvoor om met 1 toer rode V aan de verkeerde kant. Haak dan het linkervoorpand middenvoor om met 1 toer rode V aan de verkeerde kant. Keer en haak aansluitend middenvoor, langs de onderkant en middenvoor 1 toer rode V: haak hierbij 3 V op de hoeken en bij ??n voorpand verdeeld 4 (5) knoopsgaten door 4 (5) maal 2 L i.p.v. 2 V te haken.
Sluit de achternaad van de capuchon (= laatste toer dubbel leggen) en naai deze aan de hals: het beleg komt aan de binnenkant, het rode randje hiervan sluit precies aan bij de biezen middenvoor, let op: all??n het beleg wordt aan het begin en eind vastgezet; naai de rest van de capuchon iets ingehouden aan de hals. Haak nu met rood rondom lang de onderkant, voorkanten en capuchon 1 toer kreeftesteek: haak 1 steek extra op de hoeken en neem bij de capuchon de twee lagen op elkaar. Draai een rood koord en haal dit door de dubbele rand van de capuchon. Naai de knopen aan. Maak een gele pompon en naai die aan de capuchon.

 


MKPortal C1.2 ©2003-2008 mkportal.it
Pagina genereerd in 0.03633 seconden met 17 queries